Suriname en de Internationale Dag van de Moedertaal

Op donderdag 21 februari was het de Internationale Dag van de Moedertaal. Elk jaar wordt deze themadag op 21 februari herdacht door de United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization (Unesco), de organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur. De Internationale Dag van de Moedertaal (International Mother Language Day) staat in het teken van de taalkundige en culturele diversiteit en de meertaligheid.

Volgens de Unesco zijn talen hèt instrument om het culturele erfgoed levend te houden. Door de moedertaal te eren, blijft de taalkundige en culturele traditie bestaan en wordt men zich meer bewust van de verschillen tussen de diverse mensengroepen. Dit moet leiden tot meer begrip.

Deze dag doet mij altijd stilstaan bij een zin uit het Nederlandstalige couplet van het volkslied van ons geliefd Suriname: ‘Hoe wij hier ook samen kwamen’. Deze zin vat vooral de rijke historie van Suriname samen. Een geschiedenis van vele migranten die uit alle delen van de wereld in een periode van vierhonderd jaar naar Suriname verhuisden.

‘Hoe wij hier ook samen kwamen’ is een waarheid waar we niet omheen kunnen. Suriname is een geweldig land vanwege onder meer de diversiteit die er is ontstaan, doordat onze voorouders uit alle windstreken hier zijn gearriveerd. Hierdoor is in Suriname een unieke smeltkroes ontstaan waarinde verschillende bevolkingsgroepen vredig met en naast elkaar leven. De taal, gewoonten en gebruiken zijn door overlevering van generatie op generatie voor een goed deel in oorspronkelijke vorm behouden. Daardoor worden intussen in Suriname meer dan twintig talen gesproken.

En toch hebben alle in ons land gevestigde culturen ook iets Surinaams. Iets wat je nergens anders ter wereld tegenkomt. Ondanks het feit dat wij op verschillende momenten in de historie vanuit verschillende continenten hier naartoe zijn gebracht of zijn verhuisd, hebben wij met z’n allen ruime kennis van elkaars cultuur en gewoonten en belijden wij dat ook als zodanig met elkaar.

De ‘Internationale Dag van de Moedertaal’ werd voor het eerst in 2000 gevierd. Aanleiding om deze dag op 21 februari te herdenken, is het feit dat diverse studenten in 1952 tijdens rellen in Pakistan omkwamen. Zij demonstreerden om het Bengaals, de zesde taal van de wereld, erkend te krijgen als een officiële taal van Pakistan. Het land bestond toen uit Oost- en West-Pakistan, het huidige Bangladesh en het huidige Pakistan. De regering had gesteld dat uitsluitend het Urdu de taal van Pakistan was.

Hoe anders is het in Suriname, waar ondanks de officiële taal, het Nederlands, vrijwel iedereen zich verstaanbaar kan maken in het Sranan en het daarnaast volledig geaccepteerd is dat de verschillende bevolkingsgroepen zich bedienen van hun moedertaal. Het komt zelfs vaak voor dat men vanwege een hechte vriendschapsband of het opgroeien in een bepaalde wijk de moedertaal van een andere bevolkingsgroep spreekt.

Kortom: in Suriname kan in een dag een reis gemaakt worden door Azië, Afrika, Europa en Latijns-Amerika. Dit gegeven dienen wij te koesteren, omdat dat is wat ons Surinamers bindt. De volledige zin uit het volkslied waar ik eerder aan refereerde luidt: ‘Hoe wij hier ook samen kwamen, aan zijn grond zijn wij verpand’. Laten wij vasthouden aan deze stelregel. Het is aan ons om iets moois te maken van Suriname. Een fijne Internationale Dag der Moedertaal toegewenst.

Ginmardo Kromosoeto

Algemeen directeur

 

 

Share This: